Monday, 28 September 2020

Embroidery Stitches: How To! - Borduursteken: Zo doe je dat!



Since the launch of the wonderful Pretty Little Things publication by Scheepjes (which I happen to have written a little
blogpost about when it launched) there have been lots of fun embroidery projects included for beginners! So, to help those learning, I’ve created this step-by-step tutorial explaining several of the most common embroidery stitches, in particular those which are featuring in Pretty Little Things issues.
If you happen to embroider something from Pretty Little Things, do share your images with me! Either in the comments on this blogpost, or over on IG; just use #SimysStudio and I will be able to view them, so long as your account is public. 😉
Sinds de lancering van de prachtige Klein Maar Fijn publicatie door Scheepjes (waarover ik een kleine blogpost heb geschreven toen het gelanceerd werd) hebben er al vele leuke beginnersvriendelijke borduurpatronen in gestaan. Om jou te helpen met het leren van de verschillende borduursteken heb ik een stap-voor-stap tutorial gemaakt waarin ik een aantal van de meest gebruikte borduursteken uitleg. En dan met name de steken die gebruikt worden in de patronen van Klein Maar Fijn.
Ben je iets aan het borduren uit Klein Maar Fijn, vergeet dan niet om je foto’s ervan met mij te delen! Dat kan in de reacties onder deze blogpost of op Instagram; gebruik #SimysStudio zodat ik ze kan zien, mits jouw account openbaar is natuurlijk ;)

P.S. For each of these stitches, you will need to secure your thread at the back of your work so it doesn’t undo. Do this by either tying a knot at the end of your thread right before starting to stitch, OR by weaving in the end(s) underneath other stitches at the back of your work. It will depend on the type of fabric you use; if the fabric is loosely woven or very delicate, a knot may not be suitable. If you’re unsure at all, please ask below in the comments. XX

P.S. Voor elke steek geldt dat je de draad aan de achterkant van je werk moet vastzetten zodat de draad niet losraakt. Dit kun je doen door vlak voordat je begint te borduren een knoop in het uiteinde van de draad te maken OF door het uiteinde onder de andere steken aan de achterkant van het werk te weven. Dit hangt van de stofsoort die je gebruikt: is de stof losjes geweven, dan is een knoop misschien niet handig. Twijfel je? Vraag het dan in de reacties. XX





Running Stitch

This everyday stitch is something you likely already know how to do, you just didn’t know what it was called till now! 

Step 1 – Insert your needle from the back of your design, pull thread through leaving a tail 

Step 2 – Insert needle back through front of fabric along the line you intend to embroider

Step 3 – Insert your needle from the back of your design again, keeping in mind to create consistent stitches and spaces between each stitch, and continue as such along your trace line

Rijgsteek

Van deze steek weet je al lang hoe je hem maakt, je wist alleen nog niet hoe het heet. Tot nu!

Stap 1 – Steek de naald van achter naar voor door de stof, trek de draad erdoor en laat een draadeind aan de achterkant hangen

Stap 2 – Steek de naald weer naar achteren door de stof over de lijn die je wil borduren

Stap 3 – Steek de naald weer naar voren door de stof, houd er rekening mee dat je steken en ruimtes ertussen allemaal even lang zijn en ga zo verder over de lijn die je wil borduren




Whip Stitch

This is a popular stitch for closing seam openings! 

Step 1 – Hold or pin your seam closed, then insert your needle (with a knotted end) from the inside of the seam through the back side only

Step 2 – Bring your thread over the seam to the front side and insert needle through all fabric layers of seam

Step 3 – Continue along seam until closed 

Oversteken / Overhandse steken

Dit is een populaire steek om openingen te sluiten!

Stap 1 – Houd de naad met je vingers dicht of speld hem dicht, steek de naald (met knoopje aan uiteinde) vanuit de binnenkant van de naad naar de achterkant van je werk

Stap 2 – Haal de draad over de naad naar de voorkant en steek de naald door alle lagen stof van de naad weer naar achteren

Stap 3 – Ga verder tot de naad gesloten is





Backstitch

This is a great stitch for embroidering solid lines without any spaced between the stitches.

Step 1 – Create your first stitch: Working from your starting point and along your trace line, insert your needle from the back of your design, pull thread through leaving a tail, insert needle again further down

Step 2 – From the back of your design, insert needle through fabric at a distance equal to the length of your first stitch, further along trace line

Step 3 – Insert needle back through front of fabric at the point where your first stitch made ends

Step 4 – Repeat Steps 2-3 

Stiksteek

Dit is een fantastische steek om lijnen te borduren zonder ruimte tussen de steekjes.

Stap 1 – Maak de eerste steek: Vanaf het beginpunt en over de te borduren lijn: steek de naald van achteren naar voren door de stof, trek draad erdoor maar laat een draadeind aan de achterkant hangen, steek de naald een stukje verder op de lijn weer naar achteren

Stap 2 – Steek de naald van achteren naar voren door stof over de te borduren lijn, zorg voor dezelfde afstand als de lengte van de eerste steek.

Stap 3 – Steek de naald weer naar achteren door het gaatje waar de eerst gemaakte steek eindigde

Stap 4 – Herhaal Stap 2-3



Cross Stitch


This classic stitch can be used to add details or entire designs in traditional cross stitch embroidery onto aida fabric, gingham fabric (chicken scratch embroidery), or on top of crochet stitches.

 

Step 1 – Insert needle through back of fabric at bottom left corner of one aida square (or equivalent)

Step 2 – Insert needle back through fabric at top right

Step 3 – Insert needle through back of fabric at top left

Step 4 – Insert needle back through fabric at bottom right

 

Note: When working multiple cross stitches in the same colour, work vertically (i.e. up then down in rows) by only completing the first part of each stitch ( / ) when working bottom up, followed by the second part of each stitch ( \ ) when working back downwards.

 

Kruissteek


Deze klassieke steek kan worden gebruikt om details toe te voegen of om volledige borduurwerken te maken op aidastof, geruite stof of bovenop haaksteken.

 

Stap 1 – Steek naald van achter naar voor door linkeronderhoek van één aida vierkantje (of alternatief)

Stap 2 – Steek naald terug naar achter door rechterbovenhoek

Stap 3 – Steek naald naar voor door linkerbovenhoek

Stap 4 – Steek naald naar achter door rechteronderhoek

 

Let op: Als je meerdere steken van dezelfde kleur borduurt, borduur dan in verticale lijnen: ga van beneden naar boven en borduur eerste helft van meerdere kruissteken ( / ) en ga dan weer naar beneden en borduur andere helft van zojuist gemaakte kruissteken ( / ).





Double Cross Stitch

This variation on the classic Cross Stitch is perfect for creating little stars!

 

Step 1 – Insert needle through back of fabric at top left corner of one aida square (or equivalent)

Step 2 – Insert needle back through fabric at bottom right

Step 3 – Insert needle through back of fabric at bottom left

Step 4 – Insert needle back through fabric at top right

Step 5 – Insert needle through fabric at middle top

Step 6 – Insert needle back through fabric at middle bottom

Step 7 – Insert needle through fabric at middle left

Step 8 – insert needle back through fabric at middle right

 

Dubbele Kruissteek

Deze variatie op de klassieke Kruissteek is perfect voor het maken van kleine sterretjes!

 

Stap 1 – Steek naald van achter naar voor door linkeronderhoek van één aida vierkantje (of alternatief)

Stap 2 – Steek naald terug naar achter door rechterbovenhoek

Stap 3 – Steek naald naar voor door linkerbovenhoek

Stap 4 – Steek naald naar achter door rechteronderhoek

Stap 5 – Steek naald naar voor door middenboven

Stap 6 – Steek naald naar achter door middenonder

Stap 7 – Steek naald naar voor door middenlinks

Stap 8 – Steek naald naar achter door middenrechts




Duplicate Stitch

A super user-friendly stitch and a straight-forward alternative to knitted stranded colourwork, Duplicate Stitch allows you to add colour, text, or a design to your items knitted in Stocking Stitch! 

 

Step 1 – Thread a darning needle with yarn that is in the same thickness as your project

Step 2 – From the back/‘wrong side’ of your project, insert the needle at the bottom of the ‘v’ where your stitch is to be placed

Step 3 – Next thread the needle beneath the stitch above

Step 4 – Then pass the needle back through the bottom of the stitch where you started, creating a ‘false stitch’ on top

Step 5 – Continue in this fashion working bottom up!


Maassteken

Het is gemakkelijk en je ziet snel resultaat: maas kleur, tekst of een afbeelding bovenop je tricotsteek breiwerk en het ziet eruit als een jacquard meesterwerk!

 

Stap 1 – Rijg garen van dezelfde dikte als het project door een maasnaald

Stap 2 – Steek de naald van achter naar voor door de onderkant van het ‘v’tje’ waarop je gaat mazen

Stap 3 – Steek de naald van voor naar achteren en weer naar voor rondom de steek boven de steek waarop je maast

Stap 4 – Steek daarna de naald terug naar achteren, daar waar je ook begon. Je hebt nu een ‘valste steek’ op de steek gemaakt

Stap 5 – Ga zo verder van beneden naar boven!




French Knot

This lovely 3D-stitch is perfect for creating buds, the centre of flowers, spots, dots and more!

 

Step 1 – Insert your needle from the back of your design, pull thread through leaving a tail and wrap thread closest to fabric around needle three times

Step 2 – Insert your needle right beside your working thread (make a new hole) keeping tension on the thread

Step 3 – Pull needle and thread all the way through to make a French Knot

Franse knoopjes

Dit schattige 3D-steekje is perfect voor het maken van bloemknopjes, bloemharten, stipjes en nog veel meer! 

Stap 1 – Steek de naald van achter naar voor en trek de draad helemaal door. Wikkel de draad het dichtste bij de stof 3 keer om de naald

Stap 2 – Steek je naald iets naast het eerste gaatje naar achter, houd de draad strak

Stap 3 – Trek naald en draad helemaal door om het Franse Knoopje af te maken




Satin Stitch

This stitch is used when filling in shapes, and it typically done using just 1 strand of embroidery thread!

Step 1 – After tracing your shape(s) onto fabric, choose a starting point on the trace line as close to one side of the shape as possible which will allow you to ‘colour in’ the full shape without returning to this point afterwards

Step 2 – Create your first stitch: Insert your needle from the back of your shape at your starting point, pull thread through leaving a tail, and moving downwards, insert needle again through front of fabric on trace line

Step 3 – Insert needle from the back of your shape right next to where you began your previous stitch

Step 4 – Moving upwards, insert needle again through front of fabric on trace line right next to where you ended your previous stitch

Step 5 – Repeat Steps 3-4

Satijnsteek / Platsteek

Deze steek wordt gebruikt om vormen op te vullen en wordt vaak gemaakt met slechts 1 draadje borduurgaren!

Stap 1 – Teken de vorm(en) op de stof, kies een beginpunt op de getekende lijn zo dicht mogelijk bij het uiteinde van de vorm zodat je de vorm ‘in kunt kleuren’ zonder terug te hoeven naar het beginpunt

Stap 2 – Maak de eerste steek: Steek de naald van achteren naar voren door het beginpunt, trek de draad erdoor maar laat een draadeind aan de achterkant hangen, steek de naald aan de overzijde van het beginpunt op de getekende lijn weer naar achteren

Stap 3 – Steek de naald van achteren naar voren vlak naast beginpunt van vorige steek

Stap 4 – Steek de naald aan de overzijde op de getekende lijn weer naar achteren vlak naast het eindpunt van de vorige steek

Stap 5 – Herhaal Stap 3-4


Weaving Stitch

There are many variations of ‘weaving’ stitches in hand embroidery. In essence, all variations require straight stitches that act as ‘anchors’ and thread is passed or ‘woven’ under (and over) them to create an underlying design. Below I offer explanations for two examples of this stitch.

 

Geweven Steek

Er zijn vele variaties van ‘geweven’ steken binnen het borduren. In feite bestaan alle variaties uit rijgsteken die dienst doen als ‘ankers’ waaronder het borduurgaren wordt geregen of waar het borduurgaren overheen en onderdoor wordt geweven. Hieronder laat ik twee voorbeelden van deze steek zien.


Woven Wheel Stitch

This fabulous stitch technique is typically used to embroider the most gorgeous, 3D roses.

Step 1 – After tracing a circle mimicking the size of your intended rose onto fabric, further draw 5 evenly spaced lines from the middle to the outer edge of the circle

Step 2 – Starting at the centre of the circle, insert needle from the back of your fabric and create 1 stitch over each of the 5 lines

Step 3 – Insert needle through back of fabric as close to centre of circle as possible, without passing through an existing stitch

Step 4 – Weave needle over and under the 5 stitches, moving clockwise around the circle until your rose in complete, keeping in mind not to pull the thread too tight when weaving as this can distort the shape of the rose

Step 5 – Insert needle back through fabric from front to back and fasten off

Geweven Wielsteek

Deze fantastische borduurtechniek wordt gebruikt om de meest prachtige 3D roosjes te borduren.

Stap 1 – Teken een cirkel ter grootte van de te borduren roos op de stof, teken dan 5 evenredig verdeelde lijnen vanuit het middelpunt naar de buitenrand van de cirkel

Stap 2 – Begin in het middelpunt van de cirkel, steek de naald van achteren naar voren en maak 1 steek over elk van de 5 lijnen

Stap 3 – Steek de naald van achteren naar voren door de stof, zo dicht mogelijk bij het middelpunt van de cirkel, maar zonder door een bestaande steek heen te steken

Stap 4 – Weef naald onder en over de 5 steken met de klok mee tot de roos is voltooid, zorg dat je de draad niet te strak aantrekt bij het weven, dit kan de roos vervormen

Stap 5 – Steek de naald naar achteren door de stof en hecht af





Woven Circle

A simple stitch that incorporates weaving to create a curved edge!

 

Step 1 – After tracing circle onto fabric, draw four evenly spaced perpe­ndicular lines starting from the outline and moving outwards (these lines represent stitches that ‘anchor’ thread passed underneath to make circle)

Step 2 – From the back of your design, insert needle through fabric and sew over each line with one stitch

Step 3 – Without breaking thread, insert needle through back of fabric at bottom of any stitch, pass needle under all four ‘anchor’ stitches around circle

Step 4 – Insert needle back through front of fabric at the same point where thread first came through

 

Weef steek (cirkelvormig)

Een eenvoudige steek die zorgt voor een cirkelvormig effect!

 

Stap 1 – Teken een cirkel op de stof en teken hier vier gelijkmatig verdeelde loodrechte lijnen op, wijzend naar buiten (deze lijnen geven de steken aan die als ‘anker’ werken waaronder het garen geregen wordt om de cirkel te vormen)

Stap 2 – Steek naald van achter naar voor door stof en borduur één rijgsteek over elke lijn

Stap 3 – Knip draad niet af, maar steek naald van achter naar voor door stof aan onderkant van een steek, rijg naald onder alle vier ‘ankers’ door

Stap 4 – Steek naald van achter naar voor door stof door zelfde plek als begin van cirkel




Blanket Stitch

This stitch is a classic for creating edgings around patches, shapes, motifs, or for closing seams!

Edging around a shape:

Step 1 – If edging around a shape, insert needle from the back of the fabric to come through on the outline/edge of the shape

Step 2 – At a 45-degree angle from where your thread starts, insert your needle back through the fabric at a distance from the shape’s edge that mimics the stitch length you desire, do not pull tight

Step 3 – Bring your needle up and underneath the stitch you just made, pull thread to tighten to make first ‘blanket stitch’

Step 4 – Repeat Steps 2-3 till edging complete, fasten off at back of work

Closing a seam:

Step 1 – If closing a seam, insert your needle (with a knotted end) from the inside of the seam through the back side only

Step 2 – Bring your needle up and over to the front of your work and insert needle through all layers of seam, passing through where you first inserted needle

Step 3 – At a 45-degree angle from where your thread starts, insert your needle back through the fabric at a distance from the shape’s edge that mimics the stitch length you desire, do not pull tight

Step 4 – Bring your needle up and underneath the stitch you just made, pull thread to tighten to make first ‘blanket stitch’

Step 5 – Repeat Steps 3-4 till seam is sewn closed, fasten off at back of work

Festonsteek

Deze steek is een klassieker voor het maken van afwerkingen rond applicaties, vormen, motieven of om naden te sluiten!

Afwerking rond een vorm:

Stap 1 – Bij het afwerken van een vorm steek je de naald van achteren naar voren vlak naast de rand van de vorm door de stof

Stap 2 – Steek de naald opnieuw van achteren naar voren door de stof met de gewenste steeklengte tot de eerste steek, even ver van de rand als de eerste steek, trek niet strak aan

Stap 3 – Steek de naald onder de zojuist gemaakt lus door en trek aan om de eerste ‘festonsteek’ te maken

Stap 4 – Herhaal Stap 2-3 tot de afwerking is voltooid, hecht af aan de achterkant van werk

Sluiten van naad

Stap 1 – Bij het sluiten van een naad steek je de naald (met een knoopje in het uiteinde) vanuit de binnenkant van de naad alleen door de achterkant

Stap 2 – Haal de naald over de naad naar voren en steek de naald van voren naar achteren door alle lagen, precies door het gaatje van de beginsteek

Stap 3 – Steek de naald opnieuw naar achteren door de stof met de gewenste steeklengte tot de eerste steek, even ver van de rand als de eerste steek, trek niet strak aan

Stap 4 – Steek de naald onder de zojuist gemaakte lus door en trek aan om de eerste ‘festonsteek’ te maken

Stap 5 – Herhaal Stap 3-4 tot de naad is gesloten, hecht af aan de achterkant van je werk




Split Stitch

This simple stitch is great for outlines, offering an easy alternative to Back Stitch!

Step 1 - Create your first stitch: Working from your starting point and along your trace line, insert your needle from the back of your design, pull thread through leaving a tail, insert needle again further down 

Step 2 - From the back of your design, insert needle halfway along first stitch in-between the thread fibres; this creates the ‘split’ effect

Step 3 - Continue along trace line

Splitsteek

Deze eenvoudige steek is perfect om lijnen te maken en ziet er net iets anders uit dan de Stiksteek!

Stap 1 – Maak de eerste steek: borduur vanaf het beginpunt over de getekende lijn, steek je naald van achteren naar voren en iets verderop weer naar achteren, trek de draad helemaal door

Stap 2 – Steek de naald van achteren naar voren, halverwege de eerste steek en tussen de draadjes door; dit zorgt voor het gespleten effect

Stap 3 – Ga zo verder over de getekende lijn




Lazy Daisy Stitch

This is another wonderful stitch technique that results in creating beautiful embroidered daisies or leaves. I will describe the steps required to make a complete daisy below.

Step 1 – After tracing a circle mimicking the size of your intended daisy onto fabric, then draw 5 (or more depending how many petals you desire) evenly spaced lines from the middle to the outer edge of the circle (1 line = 1 petal)

 

Step 2 – Starting at the centre of the circle, insert needle from the back of your fabric, pull thread all the way through and then return your needle though the middle from the front to the back again leaving a generous loop

Step 3 – Insert needle from the back of your circle at the end point of 1 of the lines bring needle through loop and slowly tighten thread so a petal is made

Step 4 – Insert needle back through your fabric directly behind the thread at the top of the petal, this will secure the petal in place

Step 5 – Repeat Steps 2-4 for the remaining lines 

Lussteek / Lazy Daisy steek

Dit is een andere bijzondere borduurtechniek die voor prachtige madeliefjes of blaadjes kan zorgen. Hieronder beschrijf ik de stappen die je moet zetten om een compleet madeliefje te maken.

Stap 1 – Teken een cirkel op de stof ter grootte van het madeliefje dat je wil borduren, teken 5 (of meer: 1 lijn = 1 bloemblaadje) evenredig verdeelde lijntjes vanuit het midden naar de cirkel

Stap 2 – Steek de naald van achteren naar voren door de stof in het midden van de cirkel, haal de draad helemaal door en steek de naald dan weer naar achteren in het midden van de cirkel, laat een lange lus hangen

Stap 3 – Steek naald van achteren naar voren door de stof aan het uiteinde van een van de lijntjes, steek de naald door de lus en trek zachtjes aan zodat er een bloemblaadje ontstaat

Stap 4 – Steek naald terug naar achteren precies boven de bovenkant van het blaadje, dit zorgt dat het blaadje op zijn plek blijft

Stap 5 – Herhaal Stap 2-4 voor de overige lijnen

 

Cretan Stitch 

Step 1 – Draw four evenly spaced, parallel lines, running in the direction you intend to stitch, work from right to left  

Step 2 – Insert needle from back to front at top of third line, then insert needle at top of first line, a little more left than first insert 

Step 3 – Insert needle from back to front at top of second line, just right of thread running from third to first line

Step 4 – Insert needle from front to back on top of fourth line, a little more left then insert on first line

Step 5 – Insert needle from back to front on top of third line, underneath stitch just made and a little bit more left than stitch just made, then insert needle from front to back on top of first line 

Continue Steps 3 to 5 to end 

Kretasteek

Stap 1 - Teken vier evenwijdige lijnen op gelijke afstand van elkaar in de richting van borduren, je borduurt van rechts naar links

Stap 2 - Steek naald van achteren naar voren door derde lijn, steek naald dan door eerste lijn een beetje links van de eerste steek

Stap 3 - Steek naald van achteren naar voren door tweede lijn, vlak rechts naast de draad die van de derde naar de eerste lijn gaat

Stap 4 - Steek naald van voren naar achteren door vierde lijn, een beetje links van de steek op de eerste lijn

Stap 5 - Steek naald van achteren naar voren door derde lijn, onder zojuist gemaakte steek door en een beetje meer naar links dan zojuist gemaakte steek, steek naald dan van voren naar achteren door eerste lijn

Herhaal Stap 3 t/m 5 tot einde


Slanted Cretan Stitch
 

This stitch is worked in almost the same way as Cretan Stitch, but slanting the direction of the stitches according to the schematic above and using three instead of four lines.

Step 1 - Draw three evenly spaced, parallel lines, running in the direction you intend to stitch, work from right to left

Step 2 - Insert needle from back to front at top of second line, then insert needle at top of first line, exactly above first insert

Step 3 - Insert needle from back to front at top of second line and underneath stitch just made

Step 4 - Insert needle from front to back at top of third line, exactly underneath insert on second line, then insert needle from back to front at top of second line and underneath stitch just made

Step 5 - Insert needle from front to back on top of first line

Continue Steps 3 to 5 to end

Schuine Kretasteek

Deze steek wordt op bijna dezelfde manier gemaakt als de normale Kretasteek, maar valt een stukje schuiner en je hebt drie in plaats van vier lijnen nodig.

Stap 1 - Teken drie evenwijdige lijnen op gelijke afstand van elkaar in de richting van borduren, je borduurt van rechts naar links

Stap 2 - Steek naald van achteren naar voren door tweede lijn, steek naald dan door eerste lijn, precies boven eerste steek

Stap 3 - Steek naald van achteren naar voren door tweede lijn en onder zojuist gemaakte steek door

Stap 4 - Steek naald van voren naar achteren door derde lijn, precies onder steek op tweede lijn, steek naald dan van achteren naar voren door tweede lijn en onder zojuist gemaakte steek door

Stap 5 - Steek naald van voren naar achteren door eerste lijn

Herhaal Stap 3 t/m 5 tot einde


Buttonhole Stitch 

This stitch creates a similar effect to the blanket stitch, being also referred to as a ‘knotted blanket stitch’. Although both blanket stitch and buttonhole stitch are used for edging and joining seams, buttonhole stitch is a little more durable, used to prevent fraying where buttonholes are cut into fabric for closures on garments and accessories.  

Step 1 – Insert needle from back to front at point A 

Step 2 – Insert needle from front to back at point B and straight back to front at point C (before pulling thread), with working thread around needle as shown in illustration, pull tight downwards 

Step 3 – Insert needle through front of fabric at point D (at a distance equal to distance between points A and B), catching working thread above needle in same way, then insert needle straight through to front at point E, bringing working thread beneath needle tip in same way, pull tight downwards

Repeat Step 3 to end  

Knoopsgatsteek

Stap 1 - Steek naald van achteren naar voren bij punt A

Stap 2 - Steek naald van voren naar achteren bij punt B en gelijk terug naar voren bij punt C (voordat je de draad aantrekt), zie illustratie voor hoe je de draad rondom de naald plaatst, trek strak naar beneden aan

Stap 3 - Steek naald van voren naar achteren bij punt D (met zelfde afstand als tussen punt A en B), houd draad op dezelfde manier als hiervoor, steek naald weer naar voren bij punt E en houd de draad weer op dezelfde manier als eerder, trek strak naar beneden aan

Herhaal Stap 3 tot einde

Double Seed Stitch 

Also known as ‘isolated back stitch’, this simple stitch creates an attractive effect of little lines, used to fill in shapes or add texture in embroidery projects. Create this stitch by working two back stitches side by side onto fabric where desired, or follow the instructions below. 

Step 1 – Trace the double seed stitches using a pencil or water-soluble pen onto your fabric (keep in mind that you want to cover the pencil marks if unable to remove them by washing), each double seed stitch will be marked with two lines 

Step 2 – Insert needle from back to front on left-hand end of first line, then insert through front on right-hand end for first stitch of one double seed stitch 

Step 3 – Work second stitch of one double seed stitch by repeating Step 2 for second line (first double seed stitch compete) 

Repeat as needed for all double seed stitches 

Dubbele zaadsteek

Deze simpele steek creëert een leuk effect bestaande uit kleine lijntjes. Gebruik 'm voor het invullen van vormen of om textuur toe te voegen aan borduurprojecten. Maak deze steek door twee stiksteken naast elkaar te maken op de plek waar jij het wil, of volg de instructies hieronder.

Stap 1 - Teken de dubbele zaadsteken met een potlood of wateroplosbare pen op de stof (let op dat je goed over de potloodstreepjes heen borduurt, als deze niet uitwasbaar zijn), elke dubbele zaadsteek bestaat uit twee lijntjes

Stap 2 - Steek naald van achteren naar voren aan linkerkant van eerste lijntje, dan weer naar achteren aan rechterkant voor de eerste steek van één dubbele zaadsteek

Stap 3 - Maak tweede steek van één dubbele zaadsteek door Stap 2 te herhalen voor tweede lijntje (eerste dubbele zaadsteek is nu compleet)

Herhaal voor alle dubbele zaadsteken


Seed Stitch 

This simple stitch creates an attractive effect of little lines, used to fill in shapes or add texture in embroidery projects. Create this stitch by working one straight stitch onto fabric where desired, or follow the instructions below. 

Step 1 – Trace all seed stitches using a pencil or water-soluble pen onto your fabric (keep in mind that you want to cover the pencil marks if unable to remove them by washing) 

Step 2 – Insert needle from back to front at either end of line, then insert through front at other end to complete one seed stitch 

Repeat Step 2 as needed for all seed stitches 

Zaadsteek

Deze simpele steek creëert een leuk effect bestaande uit kleine lijntjes. Gebruik 'm voor het invullen van vormen of om textuur toe te voegen aan borduurprojecten. Maak deze steek door twee stiksteken naast elkaar te maken op de plek waar jij het wil, of volg de instructies hieronder.

Stap 1 - Teken de dubbele zaadsteken met een potlood of wateroplosbare pen op de stof (let op dat je goed over de potloodstreepjes heen borduurt, als deze niet uitwasbaar zijn).

Stap 2 - Steek naald van achteren naar voren door een uiteinde van het lijntje, steek dan weer naar achteren door het andere uiteinde om één zaadsteek te voltooien.

Herhaal Stap 2 voor alle zaadsteken.

Herringbone Stitch 

This embroidered stitch creates an effect that resembles the spine of a herring fish! It creates an attractive stitch pattern in projects. 

Step 1 – Being by tracing lines of herringbone stitch pattern onto fabric, marking Points A-E as per schematic above 

Step 2 – Insert needle from back to front at Point A, insert needle through front at Point B 

Step 3 – Insert needle from back to front at Point C, insert needle through front at Point D 

Step 4 – Insert needle from back to front at Point E, and continue pattern in same way as for Steps 2-3 to end 

Flanelsteek

Deze geborduurde steek lijkt op de ruggengraat van een haring! Het zorgt voor een leuk effect in borduurprojecten.

Stap 1 - Teken twee evenwijdige horizontale lijnen in borduurrichting of teken de flanelsteken op de stof, geef hierbij Punt A t/m E aan zoals hierboven te zien is

Stap 2 - Steek naald van achteren naar voren bij Punt A, steek naald terug naar achteren bij Punt B

Stap 3 - Steek naald van achteren naar voren bij Punt C, steek naald terug naar achteren bij Punt D

Stap 4 - Steek naald van achteren naar voren bij Punt E, ga op deze wijze verder tot het eind

Chain Stitch 

This embroidered stitch is used to create the appearance of a string of chains, worked by linking looped stitches together. 

Step 1 – Along traced line, insert needle from back to front at either end of traced line, then insert back through same hole where thread comes through, do not pull tight 

Step 2 – Insert needle through loop created by thread along traced line, at a distance equal to the desired length of each chain stitch, pull thread to form first chain stitch 

Repeat Steps 1 and 2 to end 

Kettingsteek

Deze borduursteek wordt gebruikt om een ketting na te bootsen, dit ontstaat door lusjessteken aan elkaar te koppelen.

Stap 1 - Teken de lijn waarover je wil borduren, steek naald van achteren naar voren aan uiteinde van lijn, steek naald daarna terug naar achteren door hetzelfde gaatje, trek niet aan

Stap 2 - Steek naald verderop de lijn terug naar voren door de stof én door de zojuist gemaakte lus, trek aan om eerste kettingsteek te maken.

Ga op deze manier verder tot einde

Detached Chain Stitch

This stitch is based on the technique of chain stitches, but worked in isolation instead of interconnected to create embroidered details.

Losse kettingsteek

Deze steek is gebaseerd op de techniek van de normale kettingsteek, echter worden de lusjes nu niet aan elkaar gekoppeld zodat er losse kettingsteken ontstaan.

No comments:

Post a Comment